Facebook – cafédebat

Mijn vorig stukje heeft wat stof doen opwaaien. Niet meteen op deze blog zelf, wel via facebook. En al die discussies nopen mij ertoe om er nog ’s op terug te komen.

131119_PClogo

Vooreerst dit. Het interessante aan die grondhoudingen benadering die ik vorige keer heb geschetst, is dat het structuur schept. Maar het is ook niet meer dan dat. Het kan niet de bedoeling zijn om mensen en hun projecten mooi afgebakend in vakjes te stoppen. De grenzen zijn ook niet duidelijk afgebakend. Eén van de permacultuurprincipes luidt tenslotte: “Gebruik randen en waardeer het marginale”.

Zo vernam ik onlangs dat een studente van Landwijzer een eindwerk heeft gemaakt, waarbij ze de grenzen tussen permacultuur en bio verkende. De studente heeft vanuit de praktijk onderzocht hoe je zo ver mogelijk permacultuurprincipes (landbased) kan toepassen en toch nog landbouwmachines kan gebruiken.

Terug naar de commentaren. Vanuit de ene hoek kwam de reactie dat (landbased) permacultuur dan wel mooi kan zijn, maar dat het moeilijk is om puur uit de opbrengsten van een permacultuurtuin of –veld een volwaardig inkomen te genereren. Over de fysieke opbrengst van permacultuur heb ik al verschillende keren geschreven: via een stukje op deze blog, en ook via een artikel in de Wervelkrant. Hier is de vraag of die fysieke opbrengst zich vertaald in een acceptabel inkomen, zonder beroep te moeten doen op extra activiteiten, zoals cursussen organiseren. In het Wervelartikel verwijs ik naar het voorbeeld van le Bec Hellouin in Normandië, dat onlangs werd toegelicht tijdens een conferentie in het Europese Parlement. De presentatie kan je zien via deze video stream. Onderzoek van het Franse INRA toont aan dat dit permacultuurproject er in slaagt een inkomen te halen uit 10 are.

Toch vind ik het ook wel een beetje vreemd dat je per sé je volledige inkomen zou moeten halen uit je productie. Dat je je inkomen diversifieert, lijkt mij eigenlijk geen bezwaar, integendeel, het lijkt mij een gezonde aanpak. Bovendien lijkt het mij net goed dat je via één- of meerdaagse cursussen je kennis en praktische kunde verder verspreidt. Dat diversifiëren kan ook verder gaan: hoevewinkel, zelfpluk. Dit lijkt mij heel slim, en versterkt bovendien het contact met het omringende sociale weefsel.  Sommige boeren gaan zelfs deeltijds ergens anders werken.

Of je een inkomen kan halen uit je productie? Dat hangt van meerdere factoren af dan enkel en alleen je productie zelf. Dat hangt ook af van de prijs die je voor dat product krijgt. En dan spelen zaken mee die niet altijd met de loutere fysieke productie te maken hebben. In de landbouw, ook in de biolandbouw, is de prijsvorming een enorm groot pijnpunt. Verwijt dat de boer en de tuinder niet, verwijt dat de bioboer en ook de permacultuur niet. Verwijt het de manier waarop die landbouwprijzen ontstaan. De absurditeit van onze competitieve economie.

Vanuit een andere hoek klonk de zorg dat de bio zou opschuiven van Rentmeester naar Heerser. Sommige commentaren wezen er dan weer op dat er een verschil is tussen de basisprincipes van bio (cfr. IFOAM, de internationale koepelorganisatie van de bio) en de biologische wetgeving. De basisprincipes van bio reiken veel verder dan het Europees vastgelegde biologische lastenboek. Zo vormen ze het streefdoel, de waarden van de sector. Deze basisprincipes hebben betrekking op gezondheid, ecologie, billijkheid en zorg. Als je even doorklikt naar deze pagina, dan zal je begrijpen dat de grens tussen bio, en zeker biodynamische landbouw, en (landbased) permacultuur geen rechte lijn is…

131119_biologo

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s