En garde

Gisteren ben ik gaan luisteren naar onze Schepen, Tine Heyse, die in de Vooruit de Gentse voedselstrategie uit de doeken zou doen. Kwestie van zo stillekes aan weer gewoon te worden aan mijn job. Maar ook om ’s te horen wat er nu in Gent allemaal zou gaan gebeuren, en of de Gentse landloze bioboeren zicht zouden krijgen op een lapke grond om een CSA boerderijtje te realiseren.

Organic Radishes

De namiddag begon met Dorien Knockaert, die zichzelf – wellicht terecht – bombardeerde tot goedbedoelende stadsbewoner en een speeddating zou doen met verschillende soorten biefstukken. ‘k Vind Dorien een toffe madam en ze schrijft schone artikels in De Standaard, maar ‘k vroeg mij wel een beetje af waarom zij zo’n inleiding van 40 minuten moest doen voor een zaal met allemaal mensen die heus wel weten wat een biobiefstuk is, en dat het Belgische witblauw rund een zielig beest is.

Nee, ik keek eigenlijk veel meer uit naar de toelichting van Tine Heyse, die het op een luttele 20 minuten zou moeten doen. Onze Schepen wilt inzetten op meer zichtbare, kortere voedselketens en zo de consument en de producent wat dichter bij elkaar brengen. Producenten moeten meer toegang krijgen tot de lokale markt.

Tevens wil ze duurzame productie en consumptie van voeding stimuleren. Lees: meer seizoensgebonden, meer bio, meer plaatsgebonden en minder vlees. Ook fair trade. En mensen die zelf willen telen, moeten meer ruimte krijgen.

Verder zal ze de sociale meerwaarde van voedselinitiatieven verder stimuleren. Er zijn er zo al in Gent: De Site, Toreke. Hiermee moet de sociale cohesie versterkt worden en sociale tewerkstelling een extra boost krijgen.

Ten vierde zal ze de voedselafvalberg terugdringen. Er moet een afzetmarkt komen voor voedseloverschotten en er zal gesensibiliseerd worden rond aankopen, bewaren en verwerken van voeding.

En tenslotte zal ze het resterende voedselafval maximaal hergebruiken als grondstof. Er moet een betere GFT inzameling komen en dit GFT moet op een slimme manier verwerkt worden.

Mooie doelstellingen waar ik zonder moeite kan achter staan. Concrete acties waren er nog niet. Jammer. Permacultuur niet vernoemd. Ook jammer, of, eigenlijk moet ik eerlijk zijn: ‘k zou wel ferm verschoten zijn indien dat wel aan bod zou zijn gekomen. Er waren wel wat mensen uit het Gentse permacultuurwereldje aanwezig, en dus is het wel ter sprake gekomen tijdens de discussies in de werkgroepen achteraf.

Tot slotte kreeg het kind de naam “Gent en garde” en werd het lintje geknipt. Heyse moet dat als kersverse Schepen blijkbaar nog een beetje gewoon worden, lintjes knippen. Maar da’s sympathiek en daar gaan we niet moeilijk over doen. Gent en garde heeft potentieel, nu is het uitkijken naar de concrete implementatie!

Foto: Ilovebutter

Advertenties

5 thoughts on “En garde

  1. Ik deel je opinie helemaal, en zou het over de journaliste als hoofdspreker nog wat scherper stellen: ze stelde zichzelf nogal centraal in het verhaal, dat anekdotisch bijeengesprokkeld leek. Er zijn in Gent wel meer mensen die een totaalbeeld over stadslandbouw kunnen brengen en daar ook kaas van hebben gegeten…

  2. In Gent leeft er veel op het vlak van ecologie, da’s een feit. Hopelijk slagen de politici er ook in om op dat vlak effectief iets te verwezenlijken. Het “tonijn vrij” maken van de gemeentelijke menu’s is zeker een stap in de goeie richting. Nu nog maatregelen nemen om het autoverkeer wat in te tomen. De schadelijke effecten van fijn stof kwamen onlangs nog maar eens in het nieuws.

  3. ik was er niet, woon ook niet in Gent maar superbedankt Esmie! Ik hoop dat Gent voortrekker kan en wil zijn in veranderingsproces dat écht van onderuit wordt gestuurd, van de initiatieven die er nu zijn en zo vorm geven aan het ietwat abstracte begrip van “voedselrevolutie” of “transitiegroepen”
    Ik schrijf dit nadat ik Tristram Stuart zag in Terzake, go go burgers, just do it! En beleid, pik dit op, faciiliteer dat het kan…

  4. Ik was erbij en keek ernaar (uit) maar kwam helaas van een vrij kale reis thuis . Ik vond niet wat ik zocht die middag nl. een frisse nieuwe denktank, ideeën die voeten aan de grond kregen, een instrument om de verschillende schitterende initiatieven beter te bundelen, met elkaar te linken, in contact te brengen en zo veel verder te komen (want, en ik citeer, ‘alleen kan je veel maar samen nog meer.’). Het wereldcafé kwam bedroevend armoedig en amateuristisch over. Het ludieke tintje (de verboden, vrucht, de verloren appel, …) werkte eerder verkleuterend dan creativerend. Niemand van wie ik sprak, wist nadien nog wat waarover ging. Heel wat heel interessante mensen haakten dan ook al af voor de carrousel van start ging. De moderators waren goedbedoelende mensen waarvan ik me afvroeg of ze ooit al een degelijk debat hadden geleid. Ze waren niet of nauwelijks in staat de essentie te distilleren uit wat werd aangebracht door de aanwezigen (her en der post-its met, ja, met wat eigenlijk? kernwoorden? slagzinnen? in elk geval weinig werkbaar materiaal. Mocht ik nu nog een mooi beeld hebben gekregen van wat er leeft rond lokale en duurzame voeding in Gent, was ik al content geweest, maar niks van dat. Wie had die mensen waar opgevist? Wat deden ze daar in godsnaam? Een marktkramer van provencaalse produkten bijv. De man wist geen snars van modereren. Waarom waren de tafels niet opgedeeld onder bruikbare kapstokken als educatie, handel, buurtwerking, communicatiekanalen…. Of gewoon zoals elk kind leert op school of hij nu iets moet samenvatten of analyseren: Wie? Wat? Waar? Waarom? Hoe? Wanneer? Daar kom je al een heel eind mee. Neen, in de Vooruit ging het er eerlijk gezegd vrij chaotisch aan toe (de liefhebbers noemen zoiets: organisch maar dat is een veel te schoon eufemisme voor het allesbehalve duurzaam omgaan met time en money). Toch een gemiste kans want waar zoveel betrokkenen samenkomen, zijn er zoveel mogelijkheden tot groei. En dan vind ik het jammer dat ik niet wist wie dat allemaal waren en vanuit welke hoek ze kwamen om nadien gewoon een beetje van gedachten te wisselen en te netwerken en zelf aan de slag te gaan. Ik wil me heel graag buigen over het educatieve luik want zoals gelukkig wel werd aangehaald ‘de kinderen zijn de toekomst’ dus het is in de gentse scholen om doen. Als ik daar ook maar iets in de pap kan brokken ben ik al heel content. Schoolmoestuintjes zouden verplicht moeten zijn. Bewust en gezond werken met voedsel zou een vak moeten worden. Kinderen moeten niet leren dat cola en chips slecht zijn (negatief denken. verbod.) maar dat lokale seizoensgroenten en -fruit gek lekker zijn (positief denken. aanbod.) en dat je er eindeloos mee kan toveren. Want dat kan! (Ik schrijf er op dit moment net een blogje over vandaar mijn vurig pleidooi!). Dus alle ideeën en contacten zijn op dat terrein meer dan welkom! 🙂 leentjespeybroeck@hotmail.com

  5. Zeer herkenbaar vind ik je gestoffeerde reactie, Leentje Speybroeck. Het concept van zo’n namiddag met veel jong volk in de zaal ontgaat me ook wel, maar dat kan aan mij liggen hé (ben ik te out/oud om mee te zijn?). Vooral de inleidende voordracht ontgoochelde me erg: Gent hoeft niet een Antwerpse journaliste op te voeren om een consistent en inhoudelijk verhaal over stadslandbouw en duurzaam voedsel te brengen…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s