Eetbaar arboretum

Terug thuis van mijn Nederlands uitje stuurt Wouter (van Foodforest Ketelbroek) mij de lijst van alle houtige soorten, aangeplant in Ketelbroek. Het gaat om exact 178 verschillende bomen en struiken. Daarnaast ook nog een heleboel kruidachtige planten. Een aantal daarvan kende ik voordien al, maar tijdens mijn bezoek wees Wouter mij op heel wat soorten die van nature bij ons niet voorkomen.

Zoals deze Chinese mahahonieboom (Toona sinensis) bijvoorbeeld. Een boom die 20 meter hoog kan worden en waarvan je de bladeren kan opeten. Ik heb ze geproefd: ze smaken naar gebakken ui.  Naar verluidt bevatten ze ook veel Vitamine A. Deze bomen vind je vooral in China, Japan en Korea.

Of deze: de Anna Paulownaboom (Paulownia tomentosa), ook al uit het verre oosten. Een boom met een uitzonderlijk groot blad, die 25 meter hoog kan worden. Hij kan bovendien zeer diep wortelen. Hierdoor haalt hij nutriënten uit de diepe bodem, maar kan hij tevens overleven bij koude temperaturen. Ook hete zomers vormen geen probleem volgens Wouter.

Ook voor de kruidachtige planten beperken ze zich niet tot inheemse soorten. Zo zie je hier bijvoorbeeld gember, oorspronkelijk uit Korea. Voordeel van deze plant is dat hij in de schaduw kan groeien.

IMG_8795En ook udo (Aralia cordata) uit Japan (en China en Korea). De jonge scheuten kan je klaarmaken als asperges. Het is ook een schaduwplant.

IMG_8796

Ik kan zo nog een tijdje doorgaan… “Het is een uit de hand gelopen hobby geworden”, lacht Wouter. Maar het gaat om nog veel meer. Doelstelling van het permacultuurontwerp van Ketelbroek is om een eetbaar arboretum te creëren.

Europa heeft van nature een lage biodiversiteit. Dat komt omdat planten en dieren tijdens de ijstijd geen uitweg hadden naar warmere gebieden (door de Alpen en de Pyreneeën). Door te onderzoeken welke gebieden vergelijkbaar zijn met ons klimaat, kan je het (eetbare) biodiversiteitsniveau gaan opkrikken, stelt Wouter.

Hij kwam tot de vaststelling dat bijvoorbeeld Korea een interessant gebied is: er is veel (eetbare) biodiversiteit, een gelijkaardig klimaat, een rijke en lekkere keuken en veel kennis over hoe je de planten moet kweken. Voor foodforest Ketelbroek neemt hij diverse soorten uit ondermeer dat gebied op. Indien deze planten op termijn in meerdere tuinen zouden voorkomen, dan is dat goed voor onze lokale gerechten: het aantal mogelijkheden voor streekeigen gerechten stijgt. Bovendien kan je ook beter inspelen op het veranderende klimaat. Als je zo’n uitheemse plant introduceert, zal het in een beginperiode wel de met die plant vertrouwde biodiversiteit missen, maar na verloop van tijd zal zich dat  wel aanpassen, meent hij.

Een interessante kijk op het exotenvraagstuk, een kijk die niet meteen strookt met de visie van de natuurbeweging die vooral de inheemse soorten wilt beschermen. Daar is de visie dat soorten die uit een heel ander dynamisch evenwicht komen met een heel andere biodiversiteit doorgaans niet in het dynamisch evenwicht passen dat hier tot stand kwam. “Ofwel verdwijnen ze, ofwel gedijen ze zonder problemen te veroorzaken”, vertelt Myriam, gespecialiseerd in deze problematiek mij achteraf. “Maar de grootste vrees is dat ze invasief worden, wat vooraf soms moeilijk in te schatten is”. De soorten die nu veel problemen veroorzaken zijn dikwijls 100-200 jaar geleden ingevoerd (ze leken dus lang helemaal niet invasief), en veroorzaken pas nu problemen.

Anderzijds kan niemand ontkennen dat voor de meeste van de ons gekende voedselgewassen geldt dat ze niet inheems zijn. Door onze arme biodiversiteit hebben we de meeste van onze voedselgewassen ooit elders moeten gaan zoeken. De aardpeer blijkt wel invasieve kantjes te hebben, maar voor het overige duiken weinig problemen op.

Dat je geen exoten moet planten in een natuurgebied, lijkt me evident. Maar in de zoektocht naar een manier om onze agrobiodiversiteit te verbeteren, lijkt mij de aanpak van Ketelbroek best wel het onderzoeken waard… Ik ben alvast benieuwd hoe dat voedselbos daar verder zal evolueren!

Advertenties

One thought on “Eetbaar arboretum

  1. Ik probeer zoveel mogelijk lokale groenten en fruit te eten, maar stel vast dat het menu dan vaak niet al te gevarieerd is. Qua fruitsoorten vind ik bijvoorbeeld momenteel heel erg weinig Belgisch fruit in de winkel (bijna alleen erg dure bessen). Dus sta ik zeker open voor het idee om exoten te introduceren. Niet elke exoot gaat woekeren en het kan het menu wat gevarieerder maken zonder dat we er energieverslindende import voor nodig hebben.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s